top of page
Zoeken

Het land van Lincei: 3e verhaal

3e schrijver: Sandra Post

Zaga



Daar zit ik dan, zittend op een koude, gladde rots, te wachten op belangrijk bezoek. De rots biedt veel verkoeling op deze warme dag. Ook in Lincei stijgen de temperaturen langzaamaan. Het is de mensen op aarde weer niet gelukt om de aarde te beschermen. Inmiddels ben ik de tel kwijt, was dit nou al 77e of 78e keer dat het niet gelukt is? Waarom verliest de mens, de hoeder van de aarde het contact met de aarde? Waarom zijn juist zij de hoeders van de aarde? Zijn ze daar wel geschikt voor? Kunnen zij deze grote verantwoordelijkheid wel aan? Nu lijkt het erop dat hun lot weer verbonden is met de vernietiging van deze mooie parel in de kosmos. De natuurlijke ontwikkeling van de mens heeft niet als doel om zich te verheffen tot de maat van alle dingen. Het willen regeren over de wereld vervreemdt de mens met de aarde en snijdt hem af van zijn natuurlijk proces: het waken over de aarde, het stukje hemel in ons sterrenstelsel. Zaga’s hoofd zit vol vragen en ze bibbert bij de gedachte dat het misschien weer niet lukt om de aarde te beschermen en het hele verhaal van de

aarde en haar bewoners opnieuw gaat beginnen. Ze tuurt in de verte om te zien of ze Zig en de nieuwe bezoeker al ziet aankomen. De hoop is gevestigd op deze nieuwe bezoeker van het land Lincei.

Terwijl Zig en Bea door het bos lopen ziet Bea dat Cearuleum en de andere paarden in een kring staan. Wat doen ze daar? vraagt Bea zich af. Ook Zig ziet het gebeuren en loopt direct die kant op. Bea loopt ook die kant op. Daar aangekomen ziet Bea temidden van de paarden een uit een kluiten gewassen wolf. Ze schrikt. Waarom staat die wolf daar?

Zig loopt naar de wolf toe en geeft hem een knuffel. De wolf lijkt hem te kennen en is zichtbaar ook erg blij om Zig te zien. Om de nek van de wolf ziet Bea een blauw fluweel buideltje hangen met het oog van een lynx. Zig lijkt dit te weten, hij haalt het buideltje voorzichtig van de wolf’s nek af en haalt er een briefje uit. Met een liefdevolle glimlach leest hij het briefje: ā€˜Lieve Zig, hopelijk heb je onze nieuwe bezoeker gevonden. Ik wil je vragen om niet naar het dorp te gaan maar naar onze geheime plek, de grot van de waarheid. Daar kunnen we aan onze bezoeker haar opdracht tonen. OĢ„kami zal jullie vergezellen en beschermen want ook op Lincei is het momenteel onstabiel en onvoorspelbaar. Zig, ik hoop je snel te zien. Liefs Zaga.’

Zig geeft Ōkami nog een knuffel en loopt met de wolf naar Bea.

Zig: Bea kom, ik wil je voorstellen aan een oude vriend! Dit is Ōkami, de metgezel van mijn vriendin Zaga. Zaga, bezit de kracht van het zien. Ik zal je meer over haar vertellen, maar nu gaan we eerst slapen, want morgen moeten we een flink stuk lopen en zal je haar ontmoeten.

Bea vraagt zich af wat er nou in het briefje stond, wie Zaga is maar laat het maar even zo, morgen heeft ze genoeg tijd om vragen te stellen.

De volgende dag staan de reizigers vroeg op. Zig heeft voor Bea fruit geplukt en kruidenthee gemaakt. Bea blijft zich verwonderen over de schoonheid van Lincei. Ze ervaart de geur van bloeiende Jasmijn en het gekwetter van tevreden vogeltjes. Ze ziet Ōkami haar kant opkomen. Hij ziet er best wel gevaarlijk uit, maar ze voelt intense liefde voor dit dier. Ze lijkt hem wel te kennen, maar hoe dan? Terwijl Ōkami haar kant opkomt, hoort ze een stem die haar naam noemt. Waar komt deze stem vandaan? De stem lijkt afkomstig te zijn van de wolf, maar dat kan toch niet? Ze kijkt om zich heen. Zal Zig ook wat gehoord hebben? Zo te zien niet. Hij zit roerloos in kleermakerszit, zijn mysterieuze ogen lijken wel licht te geven maar lijken ver weg. Bea laat het er maar even bij en gaat naast Zig zitten.

Bea: Zig, kan je mij vertellen wie Zaga is?

Zig kijkt op, hij lacht maar is er niet helemaal bij. Nu Bea naast hem zit, ziet zij dat de rimpels die zij de avond ervoor nog had gezien, zijn verdwenen, hij oogt nu als een vitale twintiger maar met de uitstraling van een wijze. Wat is Zig toch een wonderlijk persoon. Opeens ziet ze zijn blik veranderen en kijkt hij Bea indringend aan.

Zig: Bea, we moeten haast maken, we hebben niet veel tijd te verliezen. Cearuleum, mag Bea met jouw meerijden, Ōkami zal je de weg wijzen?

Cearuleum hinnikt als een teken van goedkeuring.

Zig: Fijn, dank je, je bent een trouwe vriend. Bea, ik ontmoet je onderweg, maar ik moet eerst nog wat doen, tot later.

Zig staat op en voordat Bea het doorheeft is hij verdwenen. Cearuleum duwt haar kop ongeduldig tegen Bea aan, ze wil dat Bea op haar rug gaat zitten. Waarna Bea opstapt. Cearuleum vertrekt met haar volgend de andere paarden en naast haar Ōkami. Eenmaal onderweg geniet Bea van het landschap maar voelt ze ook de onrust opkomen.

Bea: Waar gaan ze naar toe? Waar is Zig? Waarom ben ik hier?

Bea heeft na twee nachten nog steeds geen antwoorden op al haar vragen en kan deze nu ook aan niemand stellen. Ze vindt het ook niet fijn om alleen te zijn. Oké, helemaal alleen is ze niet, ze heeft de paarden en de wolf, maar toch.

OĢ„kami: Waar zit je mee Bea?’

Bea schrikt, ze kijkt om zich heen. Ze hoort dezelfde stem als vanmorgen. Ze kijkt om zich heen maar ziet naast de wolf niemand anders.OĢ„kami: Bea, ik ben het OĢ„kami’.

Bea schrikt: Dit kan toch niet? Ik kan toch niet met een wolf praten?Ōkami: Bea, praten niet, maar jij hebt hier in Lincei de gave om in gedachten met dieren te communiceren. Alle dieren die een naam dragen, lezen jouw gedachten, zodra jij een connectie met ze voelt kan jij met ons in gedachten praten.

Bea voelt inderdaad diepe liefde voor dit dier, maar praten is toch niet mogelijk?

Ōkami: Bea bij veel inheemse culturen is dit vanzelfsprekend. We zijn allemaal onderdeel van dezelfde levensenergie. Sommigen onder ons kunnen ook geluidloos praten met planten, rivieren, bergen en de natuurelementen. In Lincei hebben de mensen veel liefde voor moeder aarde waardoor deze gave zich sneller ontwikkelt. Jij hebt de gave om met dieren te communiceren. Bea weet niet zo goed wat ze hiervan moet denken, maar eigenlijk verbaast het haar ook niet. Zou ze dit altijd al hebben gekund zonder dat ze dat doorhad? Nu kan ze eindelijk wel haar vragen stellen.

Bea: Ōkami, wat fijn dat je mij dit vertelt. Ik heb zoveel vragen. Zou ik deze aan jou mogen stellen?

Ōkami blaft eenmaal, dat zou wel ja beteken denkt Bea. Bea: Ōkami, kan je mij wat meer vertellen over Zig en Zaga?

Ōkami: Bea, ik zal je vertellen wat ik weet, maar dat is lang niet alles. Tijdens jouw reis zullen ook de antwoorden komen maar ik zal je vertellen wie Zig en Zaga zijn.

Ōkami begint met vertellen.

OĢ„kami: ik ben loyaal aan Zaga. Zij is mijn beschermelinge sinds zij zich over mij als klein welpje heeft ontfermd. Zaga is ook een oude goede vriendin van Zig. Zig heeft haar, net als jij, gevonden en haar meegenomen naar zijn dorp. Toen hij Zaga aantrof, was ze er slecht aan toe. Ze was verward en intens verdrietig. Ze begreep zelf niet waar haar verdriet vandaan kwam, maar Zig kon haar daarbij helpen. Zaga had verdrietige herinneringen van waar ze vandaan kwam, de aarde. De mensen hadden de aarde verwoest door hun overmatige drang om meer en meer te willen consumeren. Voor deze drang moest de aarde wijken. Complete bossen werden gekapt, de diepzee werd leeggeroofd voor metalen en natuurgebieden werden opgeofferd voor de olie-industrie. Naast het kapotmaken van de aarde werden de mensen zelf langzaam hersendood gemaakt door de technologie. Kinderen zaten al vanaf babytijd achter een device, werden verslaafd gemaakt, waardoor zij geen oog meer hadden voor hun omgeving en hun medemens. Zij groeide op zonder besef van hun omgeving. Niets was meer belangrijk, de echte buitenwereld deed er niet meer toe, het enige wat gold was de eigen binnenwereld die werd gecreëerd in de wereld van algoritmes en AI. Zaga ging eraan onderdoor, ze zag dat de aarde en

haar bewoners door de hebzucht van de mens vernietigd werd. Het raakte haar dat ze hier alleen niets tegen in kon brengen. Ze stond op het punt om van een brug te springen, tot ze ineens een bijzondere sticker zag op de brugleuning. Op de sticker was een lynx te zien, waarbij het oog van de lynx leek op te lichten. Zaga werd er zo door aangetrokken dat ze besloot om het van dichterbij te bekijken. Het oog van de lynx was wonderbaarlijk. Ze zag in het oog diepte, het leek wel op de kosmos vol met prachtige kleuren. Zaga bleef er gefascineerd naar kijken en voordat zij het wist werd ze door een draaikolk meegenomen naar hier, het land van Lincei. Bea schrok. Ook zij was op deze wijze in Lincei terecht gekomen. Ze wilde Zaga nu erg graag ontmoeten. Ze had zoveel vragen, misschien kon zij haar wel helpen. Zaga kijkt in de verte, maar ziet nog niemand aankomen. Haar ogen waren ondanks haar ouderdom niet aangetast, net als haar geheugen. Haar botten waren met de jaren wel wat strammer geworden, maar ze had nog een goede conditie door de gezonde leefomgeving van Lincei. Doordat Zaga veel wandelde was haar huid bruin en gerimpeld. Haar haren waren lang en volledig wit. Zaga was oud, maar ondanks haar vele rimpels straalde haar liefdevolle olijfgroene ogen jeugdigheid en nieuwsgierigheid uit. Zaga bezat een grote wijsheid en was een meester in het vertellen van verhalen over de mens en aarde. Daarnaast bezat zij de kracht van het zien.

Zaga: Zou Ōkami Zig en Caeruleum gevonden hebben? Vast wel, Ōkami heeft een goede neus en ogen. Wat is het toch een lieve vriend. Hopelijk is Zig er snel.

Ze weet zich nog goed te herinneren dat ze Zig voor het eerst zag, ze wist niet goed hoe ze hem moest inschatten. Hij was soms zo afwezig. Naarmate zij Zig beter leerde kennen kwam ze erachter dat hij op meerdere plekken tegelijk aanwezig kon zijn en door de tijd kon reizen zonder dat je dat doorhad. Zaga was hierachter gekomen omdat Zig regelmatig zijn eerdere zin herhaalde alsof hij het voor het eerst zei. Zig verouderingsproces verloopt door deze gave anders. Zo veroudert hij sneller waardoor hij in de loop van de dag een oude man is, maar omdat zijn lichaamsprocessen sneller verlopen, regenereert zijn lichaam ook sneller, waardoor hij weer jong wakker wordt. Toen Zig haar vond was ze er slecht aan toe en had ze bijna geen herinneringen aan haar leven op aarde. Ze was wel geschrokken van haar eigen handen. Deze waren rimpelig en oud. Iets in haar wist dat ze niet ouder was dan 30, maar dat was dan ook alles. Zig had Zaga liefdevol opgenomen en meegenomen naar zijn dorp. Daar voelde zij zich gelijk thuis. Elke dag weer genoot ze zo van het leven in het dorp en van de schoonheid van Lincei. In Lincei was er evenwicht. De natuur kon zijn gang gaan, waardoor er bomen stonden van duizenden jaren oud. De dieren waren niet bang voor de mensen, want zij werden niet gegeten. En er

werd niet meer genomen van de natuur dan nodig was. Alles was in evenwicht. Ook de voeding was goed. De mensen aten gezond en gematigd. Zig had haar verteld dat de mensen de hoeders zijn van de aarde. De mens hoort zichzelf ten dienste te stellen van de aarde en alles wat op de aarde leeft te beschermen. Zaga keek verdrietig. Helaas was de aarde al een paar keer verwoest door toedoen van de mens ondanks dat er een groep mensen was die wel ontwaakt waren en probeerden het tij te keren. De wereld van Lincei, is een tussenwereld, die de bezoekers een kans geeft om de aarde te redden door hun kennis en kunde te delen. De bezoekers hebben de taak om de mensheid ervan bewust te maken dat de aarde leeft en dat we met alles wat op de aarde leeft rekening moeten houden. Nu was Zig onderweg naar de grot samen met een belangrijke bezoeker. Het was alweer een tijd geleden dat er een bezoeker in Lincei was beland. Zaga had deze nieuwe gast al een paar keer ontmoet in haar droom, zij was de sleutel om de mensen dit keer te laten slagen met hun taak de aarde te beschermen. Zaga tuurt weer in de verte en zucht: ik hoop dat ze er snel zijn, ik wil haar graag ontmoeten.

Ā 
Ā 
Ā 

Opmerkingen


Ā© 2023 by Orde & Chaos 

bottom of page